Noodpakket thuis samenstellen en opbergen: het 72-uurssysteem voor één rugzak en één plank

Drie liter water per persoon per dag, een radio op batterijen en contant geld: de overheid noemt de lijst, maar waar leg je het neer? Zo bouw je een noodpakket met één rugzak, één plank en twee controles per jaar.

Noodpakket thuis samenstellen en opbergen: het 72-uurssysteem voor één rugzak en één plank

De lichten in de straat gaan uit, de router knippert nog één keer en valt dan ook weg. Je pakt je telefoon, die nog op 31 procent staat, en zoekt in het donker naar de zaklamp. Hij lag in de gangkast, denk je, of toch in de la met batterijen, of misschien ligt hij nog in de auto. Je hoopt op een uurtje, maar de overheid vraagt je via de campagne Denk vooruit om uit te gaan van 72 uur: drie dagen zonder stroom, water of internet, en zonder dat er meteen iemand voor de deur staat om te helpen. Een noodpakket klinkt als iets wat je moet kopen, maar het is vooral een ordeprobleem. De meeste spullen zijn allang in huis, ze liggen alleen verspreid over vier kamers en drie kasten, en niemand weet precies waar. Met één rugzak, één plank en twee vaste controlemomenten per jaar trek je dat in een weekend recht.

Wat 72 uur in de praktijk van je vraagt

Het getal dat je moet onthouden is niet "wat flessen water", maar drie liter per persoon per dag.

Over drie dagen is dat 9 liter per persoon, dus 36 liter voor een gezin van vier: achttien flessen van twee liter. Het Belgische Nationaal Crisiscentrum rekent ruimer en noemt 3 tot 10 liter per persoon per dag, omdat je water ook nodig hebt om te koken, je handen te wassen en het toilet door te spoelen, terwijl een volwassene zelf maar 1,5 tot 2 liter drinkt. Voor de rest is de lijst van Rijksoverheid en Rode Kruis opvallend nuchter, en korter dan de meeste mensen verwachten.

  • Lang houdbaar eten, zoals noten, groente in blik en gedroogd fruit.
  • Een radio op batterijen en een opgeladen powerbank voor je telefoon.
  • Een zaklamp met reservebatterijen, lucifers en kaarsen of waxinelichtjes.
  • Een EHBO-set, dekens en een fluitje om hulpdiensten te laten weten waar je bent.
  • Gereedschap als een hamer, zaag en kniptang, plus handgel, wc-papier, tandpasta en natte doekjes.
  • Kopieën van je identiteitsbewijzen, een papieren lijstje met telefoonnummers en reservesleutels van huis en auto.
  • Contant geld, en dat is de post die de meeste mensen overslaan: de overheid noemt € 70 per volwassene en € 30 per kind, dus € 200 voor een gezin met twee kinderen.
  • Alles wat jouw huishouden extra nodig heeft, van medicijnen tot babyvoeding, enzovoort.

Dat geld hoeft niet in één keer in huis te komen. Denk vooruit stelt voor om de komende maanden af en toe wat bij de geldautomaat op te nemen en wisselgeld apart te leggen, en het Crisiscentrum waarschuwt er terecht voor dat je met grote bedragen in huis voorzichtig moet zijn.

Eerst inventariseren, dan pas kopen

Loop met de checklist van Denk vooruit door je huis en maak drie stapels: wat je hebt en direct kunt aanwijzen, wat je hebt maar niet kunt vinden, en wat echt ontbreekt. De eerste twee stapels zijn bijna altijd groter dan de derde. De lucifers liggen in de keukenla, de wollen deken in de linnenkast, de zaag in de schuur en de EHBO-set in het medicijnkastje dat je misschien al hebt opgeruimd. Wat vaak wél ontbreekt, is een radio op batterijen die FM of DAB ontvangt, een apparaat waar je waarschijnlijk al jaren niet meer aan hebt gedacht. Koop er een, zet hem meteen af op de zender van jouw veiligheidsregio, want elke regio heeft een eigen frequentie, en leg de reservebatterijen er in een zakje naast.

Kant-en-klare noodpakketten zijn te koop, ook bij het Rode Kruis, maar de overheid geeft geen advies over merken of typen en raadt juist aan om zelf samen te stellen, omdat elk huishouden andere dingen nodig heeft. Beter is dus zelf samenstellen. De uitzondering is het huishouden dat anders nooit begint: een kant-en-klaar pakket als startpunt is dan beter dan niets, mits je het aanvult met medicijnen en eten voor de huisdieren en de houdbaarheidsdata net zo controleert als bij een zelfgemaakt pakket. Duur hoeft het in elk geval niet te zijn. Het Crisiscentrum zegt het zelf: je hoeft geen duur pakket te kopen, vul stap voor stap aan en deel desnoods een radio met de buren.

Een rugzak bij de deur en een plank voor thuis

Een noodpakket bestaat eigenlijk uit twee delen, en het Crisiscentrum legt dat onderscheid helder uit. Het eerste deel is een rugzak die je snel kunt pakken als je het huis uit moet: sleutels, kopieën van je identiteitsbewijs, contant geld, pen en papier, een powerbank met oplader, een fluitje en medicijnen voor minstens 72 uur. Daarbij komen één of twee kleine flesjes water en iets lichts om te eten, zoals koeken, noten of energierepen. Conserven horen er juist niet in, want ze maken de tas te zwaar, en bij een evacuatie ga je naar familie of vrienden of naar een opvangcentrum waar eten wordt verstrekt. Het tweede deel is de thuisvoorraad voor als je binnen blijft: water, eten, radio, zaklamp, dekens en de rest van de lijst. Leg beide delen op één vaste plek, goed bereikbaar, en zorg dat iedereen in huis weet waar die plek is.

Vermijd de kelder, de garage en het lage berghok, ook al staan daar toch al je opbergkratten. Het Rode Kruis adviseert het pakket op een hoge plek te leggen zodat het bij een overstroming niet beschadigt, en het Crisiscentrum wijst erop dat kelder en garage gevoeliger zijn voor water. De bovenste plank van de gangkast of een droge kast op de verdieping werkt beter. Het water is de uitzondering, want 36 liter weegt 36 kilo en til je niet naar een hoge plank. Zet dat in één of twee kratten op de vloer van een droge kast op de begane grond, en leg alleen in een laaggelegen woning de rest van de voorraad hoger.

Water en eten: gebruiken en aanvullen, niet opsluiten

Kraanwater mag je gewoon bewaren, schrijft het Voedingscentrum, mits je het goed doet. Gebruik schone, goed afsluitbare flessen van glas, rvs of voedselveilige harde kunststof, vul ze tot de rand, sluit ze direct af en zet de datum met stift op de fles. Bewaar ze koel en donker, dan blijft het water een half jaar tot een jaar goed. Ongeopend flessenwater uit de winkel gaat vaak jaren mee. Spoel flessen waar eerder sap of melk in zat extra goed uit met heet water en afwasmiddel, want die bieden een voedingsbodem voor bacteriën. Water dat troebel is of vreemd ruikt, of in een beschadigde fles zat, gooi je weg.

Voor het eten hoef je geen aparte voorraad aan te leggen die niemand aanraakt. Het Voedingscentrum werkt met gewone supermarktproducten: havermout, pasta, rijst, houdbare melk, noten, en bonen, tomatenblokjes en vis in blik. Hun voorbeeld voor twee personen begint met havermoutpap en gedroogd fruit, gaat door met knäckebröd met pindakaas en appelstroop en eindigt met zilvervliesrijst met sperziebonen. Het systeem dat werkt, is een noodplank in je gewone voorraadkast met de oudste datum steeds vooraan, precies zoals bij het FIFO-systeem voor de voorraadkast. Wat je opeet vul je weer aan. Conserven en droge pasta of rijst zijn volgens het Voedingscentrum vaak nog minstens een jaar na de houdbaarheidsdatum bruikbaar, noten, gedroogd fruit en havermout nog maanden, maar houdbare melk slechts enkele weken. Melk is dus het product dat je het eerst moet laten rouleren.

Het lastige zit in het koken. Zonder stroom doet je elektrische kookplaat niets, en een kooktoestel of open vuur gebruik je alleen buiten, nooit in huis, omdat de ventilatie dan niet werkt en schadelijke rook en gassen binnen blijven hangen. Heb je geen gaspit of campinggas, kies dan voor wraps en knäckebröd in plaats van pasta en rijst, en voor groente uit blik of pot die je koud kunt eten, zoals doperwtjes of maïs. Bij een stroomstoring eet je eerst op wat in de koelkast en vriezer ligt: diepvriesproducten het liefst dezelfde dag, brood kan nog de dag erna.

Medicijnen, baby's en huisdieren

Het zijn de dingen die niet op een algemene lijst staan die een pakket echt bruikbaar maken. Medicijnen voor minstens 72 uur horen in de rugzak, met een lijstje van wat je gebruikt en hoeveel. Heb je een baby die kunstvoeding krijgt, zorg dan voor voldoende zuigelingenvoeding of opvolgmelk en kies bij het water liefst mineraalwater dat op het etiket geschikt is voor flesvoeding. Voor huisdieren geeft de overheid een rekenregel: 50 milliliter water per kilo lichaamsgewicht per dag. Een hond van 20 kilo heeft dus een liter per dag nodig, drie liter voor het hele pakket, plus eten en eventuele medicijnen.

Het Crisiscentrum voegt daar voor de rugzak het dierenpaspoort of vaccinatieboekje, de gegevens van je dierenarts en een recente foto van je huisdier aan toe. Dat laatste klinkt overdreven tot je een ontsnapte kat moet beschrijven aan een opvangadres.

Twee controles per jaar, vastgemaakt aan de klok

De overheid vraagt om de noodvoorraad elk half jaar na te lopen, en het Voedingscentrum stelt voor twee keer per jaar een herinnering in je agenda te zetten. Koppel die controle aan iets wat je toch al doet: het verzetten van de klok. Dit jaar valt de wintertijd op zondag 25 oktober, als de klok om 03.00 uur een uur teruggaat, en eind maart volgt de zomertijd. Op die twee zondagen pak je de rugzak van de haak en de plank uit de kast.

  • Houdbaarheidsdata van eten en medicijnen, met de vroegst verlopende datum in stift op het deksel van de bak.
  • Zaklamp en radio uitproberen met de batterijen die erbij liggen.
  • De powerbank weer helemaal opladen.
  • Zelf gevulde waterflessen verversen als de datum een half jaar oud is.
  • Kopieën van identiteitsbewijzen en telefoonlijst bijwerken, bijvoorbeeld na een verlopen paspoort of een nieuw nummer, enzovoort.

Zet de zaklamp in de rugzak, hang de rugzak aan de haak bij de voordeur en vertel het iedereen in huis. Dat is de hele klus voor vanavond.